Fantoomliefde

En in de lucht hangen allemaal tranen.

En met brute kracht werd hij afgesneden, mijn ledemaat. Geamputeerd alsof hij niet van mij was, alsof hij niet mijn been was. Of mijn arm, vinger neus of welk onderdeel dan ook. De pijn die ik daarna voelde was écht, om iets wat er niet meer is.
Soms denk ik dat dat stuk van mij gewoon nog bestaat, de liefde die ik voel is écht. Ware liefde zoals dat alleen kan bestaan tussen ware geliefden. Zoals dat alleen kan bestaan bij mensen die van elkaar houden en ruzie met elkaar maken zoals je soms ook ruzie hebt met je eigen ledematen. Dat stomme been, die rare tenen, die jeukende vingers maar tegelijk wil je niet zonder, houd je van je been zoals het is en als het afgehakt wordt dan voel je nog jaren later de pijn tot in je tenen.
Ik voel pijn tot in mijn tenen maar ook liefde tot in mijn tenen. Die liefde die dwaalt hier nog door het huis, zit in de herinneringen en voelt zó levensecht, zo bestaand. Ik droom van lange sterke armen die mij beschermen tegen de wereld en het kwaad, tegen inbrekers en schorem en ik voel ze écht hoewel ik weet dat ze er niet meer zijn.
Het is mijn hart wat jeukt alsof de liefde nog steeds tussen Aart en mij bestaat. Maar tussen Aart en mij bestaat niets want tussen Aart en mij bestaat niet meer. Er is geen tussen als één van de twee verdwijnt, van de wereld afglijd en niet meer terug komt. Er is geen ruimte tussen mijn zijn en zijn niet zijn. Er is geen leegte tussen ons want ons bestaat niet meer. Er is geen is er is alleen maar was.
Toch voel ik die liefde echt. Het laat me terugdenken aan die lieve dingen die hij zei. Soms om me gerust te stellen, soms om me op te jutten, vaak om me de liefde te verklaren en soms de oorlog.
Die liefde doet me opspringen van mijn stoel omdat ik naar boven wil rennen en in zijn armen wil kruipen. Doet me opspringen in enthousiasme om hem daar deelgenoot van te maken. Geeft mij een oneindig warm gevoel.
Zonder zou ik niet dromen, zou ik niet zwijmelen en genieten van de liefde. Zonder liefde zou ik niet missen, alleen maar willen wissen.
En net zoals bij het verliezen van een been ben je wie je bent geworden door wat je eerst was. Eerst had ik een been en daarmee kon ik lopen, nu moet ik het zonder doen maar ik zal altijd een vrouw mét been zijn geweest.
Het is een liefde zonder voeding, het bestaat uit wat het was en wordt nooit meer dan dat. Omdat het bestond blijft het bestaan. Misschien neem ik wel een prothese omdat ik er naar verlang weer te lopen, misschien wordt dat nieuwe been wel nóg beter maar dat ene been zal ik altijd blijven missen. Het was wél mijn been.
Ik ben een vrouw waar van gehouden is, heel veel van gehouden is en ik ben een vrouw die houd van. Door wat er was en wat er daardoor van mij geworden is.

Als antwoord op Sandra’s vraag of fantoomliefde zou bestaan.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s