Een jaar geleden (1)

11 november 2012 naaide ik dit speelkleed voor Lucas.

11 november 2012 naaide ik dit speelkleed voor Lucas.

Het is begonnen, het grote der ‘jaar geledens’.
Gisteren een jaar geleden was er nog niets aan de hand. Nou ja er was genoeg aan de hand, maar dat wisten we gelukkig nog niet. Ik was 17 weken zwanger, Aart was 1,5 week daarvoor gestopt met roken en voor het eerst in jaren van stoppogingen ging dat niet gepaard met onuitstaanbaar chagrijnige buien en onredelijk gedoe. Misschien was de naderende komst van Lucas voldoende stok achter de deur om echt te willen, het was wel de reden om op dat moment een stoppoging te doen.
’s Avonds zaten we bij de Italiaan te eten en Aart had grote plannen, hij was in een opperbest humeur en voelde zich goed. Hij zou nu ook éindelijk gaan afvallen, hij zou weer gaan sporten. Ik moest het eerst zien dan geloven, Aart had wel vaker grootse plannen wat zijn gezondheid betreft maar uiteindelijk kwam daar zelden echt wat van terecht. Hij had ook plannen waar ik stiekem om moest grinniken, de marathon lopen bijvoorbeeld. Toen ik een beetje besmuikt zei dat ik dat wel heel ambitieus vond halveerde hij hem alvast. Ik zag het al voor me, die grote zware man die zijn knieën kapot zou rennen op een marathon. Dat kon zelfs 30 kilo minder niet voorkomen. We maakten grapjes en ik riep dat hij dan zo’n tanig oud ventje zou worden. Dat ‘oud’ vond hij niet zo geschikt en ‘ventje’ was ook niet helemaal hoe hij zichzelf wilde bestempelen, maar met tanig kon hij het wel vinden. Dus we spraken af, Aart zou een tanig ventje worden en we bezegelden het met een high five.

Amper 6 uur later zag het er in huize Brouwer heel anders uit. Het was een uur of 4 ’s nachts, Aart maakte me wakker want hij had het stikbenauwd. De paniek sloeg toe bij hem en hij begon steeds sneller te ademen. Ik probeerde hem gerust te stellen dat hij nog niet blauw zag en belde de huisartsenpost. Het was een hoop gedoe aan de telefoon, terwijl ze gingen overleggen, wat een eeuwigheid duurde, raakte Aart steeds meer in paniek. Na een hele poos kwam de assistente terug aan de lijn met de mededeling dat hij maar even in een zakje moest blazen, zou wel hyperventilatie zijn. Het zakje deed niks en Aarts paniek werd alleen maar groter. Of we misschien even langs konden komen…nou nee, ik kon geen man van boven de 100 kilo in de auto hijsen of opvangen als hij van de trap lazerde. Na veel gemor beloofden ze een arts te sturen. In het half uur tussen het bellen en dat de arts kwam riep Aart meermalen dat ik maar een ambulance moest bellen. Ik bleef kalm, zei dat ik dat onmiddellijk zou doen als het slechter zou gaan, maar dat hij niet blauw zag, nog op zijn benen stond en geen andere klachten had en dat hij dus vooral rustig moest blijven ademhalen. De arts kwam en liet hem in een anti-hyperventilatieapparaatje (leuk woord voor galgje) blazen. Hielp niks, wat de arts maar raar vond, kom op zeg, als je benauwd bent en in paniek heb je toch zeker last van hyperventilatie. Pas daarna besloot hij ook maar eens de saturatie (zuurstofgehalte in het bloed) te meten. Oeps, 83% was wel erg laag en bovendien heeft iemand met hyperventilatie juist een hele hoge saturatie.
Met een door de dokter lousy geprikt infuus werd Aart toch maar  met een ambulance naar het ziekenhuis gestuurd ‘op verdenking van longembolie’.
Ik ging rustig wat spullen pakken en stapte niet veel later ook in de auto. In het ziekenhuis zei ik tegen Aart dat ik hem ’s middags wel weer mee naar huis zou nemen, ik had zelfs al wat kleren voor hem meegenomen (want hij was de ambulance ingegaan in zijn ondergoed).

Na de ct-scan was het wel duidelijk dat hij geen longembolie had…nee dat niet. Het was ook duidelijk dat daar iets zat wat er hélemaal niet goed uit zag, op het blote oog zagen ze al dat de aorta flink verwijd was.
Dat was het, het begin van alle ellende, het begin ook van het einde. Of nou ja, het was natuurlijk al veel eerder begonnen. In de weken erna bleek dat zijn hele vaatstelsel aan gort lag, zijn linkernier was afgestorven en zijn hart niet goed functioneerde. De artsen stonden voor een raadsel, hoe kon iemand zo jong, zonder erfelijke factoren in de familie zo’n slechte binnenkant hebben? Zelfs met slechte leefgewoonten kon je dat niet voor elkaar krijgen zonder op zijn minst in de aanleg al een flink probleem te hebben. Wat dat probleem was is nooit duidelijk geworden overigens.

Vandaag een jaar geleden begon alle ellende. Aart werd opgenomen in het ziekenhuis en bleef daar uiteindelijk ruim 8 weken. Komende tijd zijn er veel ‘een jaar geledens’, een sentiment waar ik helemaal niet zo van houd, maar waar ik nu toch tegenaan loop omdat elke dag onder een vergrootglas ligt. Het is een gek besef dat een jaar en een dag geleden nog alles oké leek. Een jaar geleden zeiden we tegen elkaar dat hij vast ’s middags weer naar huis mocht, ’s middags zeiden we dat het misschien een paar dagen zou duren, en dan… Maar hij was ziek, veel zieker dan wij een jaar geleden op deze dag konden overzien.

Een jaar geleden alweer, een jaar geleden pas.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s