Zomaar

Daar lig ik dan, als vanouds klaarwakker in mijn bedje. Ik speel een spelletje op mijn tablet om mijn gedachten te verzetten in de hoop de slaap te kunnen vatten. Het lukt niet, de tranen zitten te hoog. Ik weet weer hoe het voelde, eenzaam en alleen in het heftige verdriet. De ellenlange slapeloze nachten, de nachten van verdriet.
Er is weer iemand uit het leven geamputeerd, gewoon zomaar afgerukt en weggesneden van haar gezin. Een lid van mijn dierbare koor, het koor dat mij zo steunde na de toch behoorlijk plotselinge dood van mijn lieve Aart.
Verdorie waarom nou toch? Waarom gaan er te jonge mensen zomaar dood?
Vanavond was ik op koor, tranen over mijn wangen, zingen met een brok in mijn keel. Het voelde weer een beetje als toen, toen mijn lieve Aart zomaar dood was gegaan. Hoe geamputeerd ik me voelde. De ene week was hij er nog, de week daarna ineens niet meer. Het zingen met een brok in min keel, bijna huilen maar net niet. Ineens was niets meer hetzelfde.
Ik keek vandaag naar die lege plek in mijn koor, die plek waar zij had moeten staan. Ineens van vandaag op morgen was alles anders.
We praten over de afscheidsdienst die komen gaat, ik denk aan de onze. Aan die onwerkelijke periode en al het geregel, aan hoe het daarna echt voorbij was. We zingen het lied wat het koor op de afscheidsdienst gaat zingen en ik slik duizend tranen weg. In gedachten hoor ik nogmaals onze muziek.
Ik denk aan die keer dat ik weer naar koor ging nadat mijn lieve Aart overleed, ik werd beknuffeld, ik kreeg schouderklopjes, condoleances. Ik zong liedjes zonder te weten wat ik precies zong. Ik bleef na afloop voortaan zo lang mogelijk daar want mijn huis was leeg. Geen Aart die mij kon troosten terwijl ik hem het hardste nodig had, geen Aart meer om mee na te praten.
Ik lig alleen en verdrietig in mijn bed en voel me weer een beetje als toen. Leeg, verdrietig en eenzaam alleen, de hele wereld slaapt en ik zit hier met mijn brok en als enige vriend het geduldige digitale papier als een altijd luisterend oor. Ik heb nog zoveel onvergoten tranen.
Ik denk aan haar, zomaar geamputeerd, weg van haar geliefden en familie. Zomaar weg uit ons koor waar ze vast onderdeel van was. Zomaar dood na het eten van een broodje ossenworst of zoiets. Zomaar.

Advertenties