Kerstboom

IMG_6370

Kerst 2013, ik besluit dat ik een project nodig heb, iets om kerst een andere wending te geven. Geen gemopper omdat ik in mijn eentje een boompje naar huis moet zien te slepen, of omdat ik in mijn eentje alle kerstversiering uit moet pakken. Geen getreur om het alleen versieren van de boom, geen tranen die vallen tegelijk met duizenden prikkende naalden. Ik koop een bosje latten, mep ze in elkaar, schilder er een boom op, timmer er flink wat spijkers in en voilà, klaar is mijn nieuwe boom.
Kerst 2014, inmiddels is mijn leven flink veranderd, ik ben niet meer zo alleen alleen, een nieuwe liefde wacht op mij aan mijn horizon, maar toch moet ik in mijn eentje die boom weer doen, hij woont ietwat ver weg. Ik pak mijn alternatieve kerstboom van het vorige jaar, zet hem op een veilige Lucashoogte en tuig hem op, licht weemoedig laat ik de ballen en andere versierselen die Aart en ik samen hebben uitgezocht door mijn handen gaan en tevreden hang ik ze weer aan de spijkertjes van mijn boom.
Maar ja, mijn leven is veranderd, nu is er een andere vent, een vent met wie ik samen een kerstboom kan opzetten. Zo geschiedde het dat het door mij zorgvuldig vermeden evenement, het opzetten van de kerstboom (dus geen platte lattenboom zoals ik zelf thuis heb) toch plaatsvind. Het in elkaar zetten van de kunstige boom gaat nog wat schamper lacherig, Aart zou echt werkelijk waar nooit zo’n plastic geval hebben willen hebben. Maar ik moet toegeven het is een mooi geval, hij lijkt best echt, hij is alleen ietwat keurig. Als de boom eenmaal staat volgt de ledverlichting ietwat nukkig, stomme ledverlichting, echte kaarsjes, dat is wat ik mis.
Daarna gaan de dozen vol ballen en andere versiering open, de versiering van een ander gezin, liefdevol bij elkaar gespaard door twee mensen waarvan er eentje nu, inmiddels meer dan een jaar, dood is. De ander is nu mijn lief. Net als ik die ander voor hem ben, die ene van twee waarvan het ene lief overleed. Zo is het gewoon.
Ik mopper wat over het stomme lint dat in de boom gehangen wordt, ik laat hier en daar wat ballen liggen die ik eerlijk gezegd zelf liever niet in mijn boom zou willen hebben. Ik kijk nukkig, ik word steeds stiller en stuurser. Stomme kerstboom, stom rotding, stomme rottige kerstballen, stom rottig kerstgevoel. Op de vraag waarom in zo stil ben weet ik nog geen antwoord maar even later komt het: tranen met tuiten. Ik wilde helemaal geen kerstboom versieren, ik wilde niet denken aan al die keren dat Aart en ik dat ding samen gingen optuigen. En de kerstboom opzetten op de sterfdag van mijn liefs andere lief is ook al niet erg bevorderlijk voor het vrolijke gevoel wat er wat mij betreft bij zou moeten horen. Rotkerst.
Het kerstgevoel is wat dat betreft helemaal compleet als we later die dag naar het tuincentrum gaan om een klein kerstboompje voor op haar graf te kopen. Niet dat ik dat zo erg vind, ik zoek er met liefde eentje uit. Maar als ik later even alleen ben tussen de kerstballen zijn ze er weer, die tranen en die herinneringen. Herinneringen aan al die keren dat Aart en ik samen door het tuincentrum draalden, op zoek naar die ene nieuwe kerstversiering voor in de boom. We kwamen ooit thuis met een pauw en twee vogels, met een moderne engel die trompet blaast en ook een keer met een roze op en schotel en een roze theepot aan lintjes die volgens Aart écht een plekje in de kerstboom verdienden. Ik denk aan die traditie en aan kerst 2012, onze laatste kerst samen, in het ziekenhuis, met voor het laatst een echt kerstboompje, piepklein en door mij versierd en meegenomen, staande op het ziekenhuistafeltje. Ik kruip even weg in de armen van mijn nieuwe lief, hij zoent mijn tranen weg.
Ik vierde kerst dit jaar met een hele nieuwe familie, ik vierde kerst met een lief die ook zijn lief miste, juist ook met kerst. Ik voel me rijk, zo veel mensen om me heen, nieuwe lieve mensen, een nieuwe liefde. Maar ergens op de achtergrond voel ik me met kerst ook gewoon schraal en eenzaam, verdrietig en leeg. Kerst is niet meer zoals kerst vroeger was, warm en onschuldig.
Gelukkig is er nu tijd en ruimte voor nieuwe tradities, we kochten samen met de kinderen versiering voor in de boom, ieder eentje. Volgend jaar doen we dat weer, net zo lang tot de boom kleurrijk uit zijn voegen barst. We maken samen nieuwe herinneringen, de oude niet verloochenend maar koesterend bij het nieuw geluk. Want wat hebben we een geluk dat we gewoon twee keer de liefde mogen vinden en twee keer gelukkig mogen zijn.

Nu is het de hoogste tijd om de kerstboom weer op te ruimen. Onder luid gemopper uiteraard want niets vind ik vervelender dan dat. Dag boom, dag kerst, tot volgend jaar, op naar vele mooie nieuwe herinneringen.

Advertenties

Een jaar geleden (4), kerstmis 2012

20131225-140310.jpg

Daar zaten we dan, een jaar geleden. Het was 1e kerstdag en de week in het St. Antonius ziekenhuis was inmiddels twee en een halve week geworden. Elke dag vroeg Aart wanneer hij terug mocht naar het ziekenhuis in Amersfoort. Niet eens naar huis, gewoon naar het oude vertrouwde Amersfoort waar hij al weken had gelegen, waar het veel fijner was.
Op eerste kerstdag hadden wij de hoop opgegeven dat het snel zou gebeuren, er was elke keer wel weer een reden om hem in Nieuwegein te houden en nu was het kerst, kerst in geen dag om patiënten te gaan verplaatsen.

Dus bracht ik thuis de dag in de keuken door, alleen. Ik versierde een kerstboompje, een echte in een pot en ik maakte gevulde eieren, een gehaktbrood en een Griekse salade. Alles wat Aart heerlijk vond en zo ontzettend miste daar in het ziekenhuis.
En tegen etenstijd pakte ik alles in folie, bakjes etc. en toog met mijn auto vol eten en kerstspullen naar het ziekenhuis in Nieuwegein.
Daar lag Aart die dacht dat ik gewoon een frietje zou komen brengen, of iets anders simpels. Ik zette zijn boompje neer, met kleine ballen en lichtjes op batterijen. Een lantaarntje met een nepwaxinelichtje en zijn ziekenhuisnachtkastje cq tafeltje toverde ik om tot kersttafel compleet met tafelkleedje. Aart keek bij dit alles zijn ogen uit en raakte maar niet uitgepraat over hoe fijn het was, hoe lief het was en hoe heerlijk en geweldig hij het vond. Hij schepte op over dat hij zo’n geweldige vrouw had tegen iedereen die het maar wilde horen.

Tussendoor ging de verzorging gewoon door. Bloeddruk meten, temperaturen, vragen beantwoorden en pillen slikken. Gedwee onderging hij het terwijl hij zijn voor de verandering niet volledig zoutarme maal naar binnen schranste. Het kon hem even niets meer schelen.

20131225-140411.jpg

En toen, toen we bijna bij het toetje waren, kwam er ineens weer een verpleegkundige langs: “ze komen u zo halen meneer Brouwer, gaat u uw spulletjes maar pakken.”. Aart keek verbouwereerd en mijn mond hing half open: “halen?” Wat gaan ze doen dan. “Meneer wilde toch graag naar Amersfoort? Nou dat hebben we geregeld. Aarts ogen begonnen nog mee te glimmen dan ze al deden. Daar eindigde ons kerstdiner met door Aart zeer gewenst cadeautje. Ik pakte zijn tas in, stopte de etensresten weer in bakjes, vouwde het tafelkleed op en toen stonden er ineens twee ambulancebroeders met een brancard in de kamer. Daar gingen we, ik met de kerstboom onder mijn arm en mijn bolle buik waggelend achter de brancard aan.

Toen ik in Amersfoort aan kwam zat Aart al op zijn nieuwe bedje in een van die piepkleine benauwde zaaltjes van A0, zijn geliefde afdeling. Van de ambulancebroeders had hij een beer gekregen voor zijn ongeboren zoon waar hij trots over verteld had.
We besloten ons kerstdiner nog even af te maken, ik installeerde opnieuw de kerstboom en terwijl wij de laatste hapjes van ons diner verorberden kwam de ene na de andere ziekenhuismedewerker even buurten. Van voedingsassistent tot verpleegkundige, ze kwamen allemaal even hoi zeggen, sommigen vertelden dat ze zich zorgen hadden gemaakt toen hij maar niet meer terug kwam.

Na een half uur moest ik weg, niet omdat het bezoekuur voorbij was, ze knepen wel een oogje toe. Maar Aart hield zijn ogen haast niet meer open. Moe, maar intens tevreden kroop hij onder zijn dekens. Eindelijk weer ‘thuis’ in zijn oude vertrouwde ziekenhuis waar hij zo liefdevol verzorgd was, weg uit dat akelige koude grootschalige hol waar hij zulke slechte herinneringen aan had. Een kerstdiner waar hij alleen maar van had kunnen dromen, een kerstboom.

Zo kwam het dat ik op eerste kerstdag ’s avonds alleen op de bank zat met tóch met een heel tevreden gevoel. Morgen dacht ik, ben ik gewoon in 10 minuten bij hem, wat een luxe!

Nu, een jaar later denk ik: ja wat een luxe was dat toen. Ik had hem misschien niet bij mij thuis, maar als ik wilde kon ik wel twee keer per dag gaan knuffelen, zoenen, praten. Als ik wilde kon ik altijd bellen, even zijn mooie warme stem horen die altijd iets liefdevols zei. Ja wat een luxe.

Stil met kerst

Het is hier stil, al een tijdje heb ik niets geschreven. Dat komt omdat ik in de war ben. De dagen rondt Sinterklaas en Aarts grote operatie waren moeilijk, veel moeilijker dan ik dacht. En nu is het weer stil, het voelt als het oog van de storm, alsof ik er midden in zit maar alles ineens heel kalm is geworden. Nou ja betrekkelijk kalm want bij mij van binnen stormt er nog steeds een storm, elke dag weer. Ik ben moe en gewoon in de war. De gedachten in mijn hoofd vormen geen rijen van twee meer, staan niet netjes in positie, maar vliegen alle kanten op. Nou is dat bij mij wel vaker het geval hoor, ik heb meer laatjes dan de gemiddelde mens en ik vergeet regelmatig op te ruimen. Dan is het een troep in mijn hoofd en weet ik van gekkigheid niet meer wat ik met mezelf aan moet.
Ik merk dat ik probeer de laatjes weer te sorteren, maar mijn hoofd voelt als een hoofd vol watten. Wanneer kan ik nou gewoon weer helder nadenken? Wanneer zakt de moed me niet meer in de schoenen als ik een brief open waarin staat dat er van mij een actie verlangd wordt? Gewoon zoiets stoms als een formuliertje invullen of het betalen van een rekening. Wanneer schiet ik niet meer in de stress alleen maar omdat er ook avondeten gekocht moet worden, of nee nog erger… gekookt!
Maar ondanks dat probeer ik er gewoon toch wat van te maken. Toch gewoon een beetje te genieten en leuke dingen te doen. Want anders zou het gewoon een wel heel treurige bende worden hier.

Ik timmerde bijvoorbeeld een kerstboom in het kader van: “kerst is wat je er zelf van maakt”. Ik wilde dit jaar geen kerstboom, herinneringen aan het mini-boompje van vorig jaar wat ik bij Aart in het ziekenhuis bracht staan me nog helder voor de geest. Vorig jaar was kerst al niet echt leuk met Aart in het ziekenhuis, dit jaar is Aart er helemaal niet bij, hoezo fijne feestdagen? Maar tegelijkertijd wilde ik ook niet doen alsof het geen kerst was, geen kans ook, je wordt er overal mee geconfronteerd. Onze traditie was dat we elk jaar een echte boom hadden, rijk versierd in alle kleuren van de regenboog. Elk jaar kwamen daar een paar zorgvuldig en liefdevol uitgekozen versieringen bij. Meestal deed ik dat, dan kwamen er weer een paar rood met wittestippenballen bij, maar soms bemoeide Aart zich er mee. Twee jaar geleden heeft hij mij de hele kerst doen grijnzen telkens als ik de boom zag want hij had, bloedserieus, voor in de boom een roze kop en schotel en een roze bijpassende theepot uitgezocht. Nog steeds moet ik daar om lachen, want hij vond het serieus erg mooi. Ik vind ze vrij eh, roze, maar kon het idee waarderen.
Ik bedacht me dat het zonde was dat die kop en schotel dit jaar niet opgehangen zouden worden en ging op zoek naar een alternatieve kerstboom. Ik googelde plaatjes van houten kerstbomen en maakte een plan. Met dat plan toog ik naar de gamma waar ik twaalf balken in stukken liet zagen. Het was daarmee dat ik een kerstboom fabriceerde die ik eigenlijk nog bijna leuker vind dan die echte boom. Gewoon omdat hij anders is en anders bij mij past. En zo leuk, al die kerstversieringen die wij in de loop de jaren verzameld hebben hebben een ereplekje gekregen. De kop en theepot, de pauw en de vogels, de rode ballen met witte stippen, de paddenstoelen, maar ook oude ballen die ooit van Aarts ouders waren, net zoals de houten kerstengeltjes.
Ik vier kerst maar gewoon een beetje op mijn eigen manier.

Afgelopen vrijdag gaven we een groot kerstconcert in de grote kerk van Harderwijk. Dat was een bijzondere ervaring, om als Pop&Rockkoor in een uit de kluiten gewassen kerk te zingen. Ik vond het vooral leuk om te merken hoe saamhorig het koor er van werd. Precies een gevoel waar ik momenteel behoefte aan heb. Dat ik totaal uitgeput en leeggelopen was van al die input is dan even van ondergeschikt belang.
Ik schreef ook nog voor de afsluitende kerstviering van koor gisteren een alternatieve versie voor ‘Hark! The Herald Angels Sing’ en was nog zo gek die voor ze te gaan zingen ook. Dat gaat nooit echt goed want zodra ik in de buurt van de microfoon kom schiet ik zo verschrikkelijk in de stress dat ik mijn papier met tekst bijna niet meer kan vast houden, vals ga zingen en volledig de timing verlies, zelfs als een orkest op de achtergrond gewoon min of meer de melodie speelt.
Maar ik merk dat sinds Aarts overlijden me er toch minder druk om maak. Ja ik krijg een knalrood hoofd, schiet in de stress en baal dat het wéér niet gelukt is mijn zenuwen in bedwang te houden. Maar ik lig er niet meer wakker van. Net alsof ik me eindelijk gerealiseerd heb dat er belangrijkere dingen zijn in je leven om je druk over te maken. Bovendien doe ik mee voor mijn plezier, toch?
Het was een hele gezellige avond en tot mijn stomme verbazing kreeg ik nog een bedanktroffee ook voor het mede een onvergetelijk maken van de avond. Ik denk dat ik maar een prijzenkast moet gaan timmeren!
En dan, aan het einde van zo’n avond, wil ik het liefste mijn matrasje uitstallen in de gymzaal waar we altijd oefenen en de leuke avond voor altijd laten voortduren. Dan wil ik niet naar huis, ook al is daar Lucas samen met mijn lieve zus die oppast. Ik wil dan blijven, ook al voel ik me verdrietig zo tegen het einde. Verdrietig omdat ik weet dat ik mijn ervaringen niet met Aart kan delen. Omdat ik weet dat het geen zin heeft om bij thuiskomst enthousiast naar zolder te rennen om te vertellen over je blunder van de avond. Omdat hij er niet is om er met je om te lachen, je te knuffelen en te vertellen dat hij gewoon nog steeds van je houdt, ook als je vals en uit de maat zingt. Omdat ik Aart gewoon verschrikkelijk mis en ik dat dan na zo’n leuke avond extra hard voel.