Gekleurde kussentjes

20130720-172240.jpg

Regelmatig floepen er in mij gedachten op over de voordelen van het ongewenst manloos zijn. Het zal wel een beetje raar zijn, ik hoor nu natuurlijk als een dweil huilend op de grond te liggen of op zijn minst een rouwkrans aan de deur te hebben, in het zwart gekleed te gaan en alles héél erg te vinden. Maar mijn hoofd doet daar niet aan mee, dus ik ook maar niet.

En dan doemen er in mijn hoofd droombeelden op van kleurrijke huiskamers met op de bank felgekleurde kussentjes. En een kast met wol en katoen en een kleurrijk vloerkleed. Van die dromen waar ik altijd heel blij van word en nu ineens besef ik dat ik ze ook kan waarmaken. Want hoe je het ook wend of keert, vanaf nu mag ik lekker zelf bepalen hoe ik mijn huis inricht. Dus geen tuttige schemerlampjes meer, donker houten meubels en neutrale kleuren maar vrolijk en kleurrijk. Ik heb wel van Aart geleerd ook van klassiek te houden, maar doe mij dan maar klassiek met een kleine draai! En die schemerlampjes, tja eerlijk is eerlijk, Aart was de man van de schemerlampjes. Dat mocht natuurlijk niemand weten, want schemerlampjes zijn bij voorbaat al tuttig, maar als het aan Aart had gelegen had het hele huis er vol mee gestaan. Als het aan mij ligt niet, natuurlijk zal ik wat schemerlampjes houden. Misschien ga ik ze wel beschilderen of de lampenkappen borduren en misschien houd ik er wel eentje voor de klassieke touch.

Dit soort gedachten komen natuurlijk niet alleen in mijn hoofd op als ik denk over kussentjes op de bank. Die bank is overigens totaal ongeschikt voor leuke gekleurde kussentjes want hij heeft een beetje een raar kleurtje. Maar goed, niet alleen dus als ik mijmer over de kussentjes op de bank heb ik zulke gedachten. Vanmorgen toen de kat weer eens ergens overheen had geplast was ik blij dat ik het niet aan Aart hoefde te vertellen die steevast aan het mopperen was op de kat en die bij dit soort dingen altijd een extra reden zag om te benadrukken dat katten eigenlijk maar vervelende beesten waren die beter snel naar de kattenhemel konden gaan. Hij was stiekem ook wel een beetje gek op Thomas hoor, ze lagen vaak samen op bed en dan kon hij het niet laten om flink met hem te knuffelen, maar verder had hij dus gewoon een hekel aan katten. En dus was ik vanmorgen blij dat ik het niet aan Aart hoefde te vertellen en mijn kat niet hoefde te verdedigen, dat hij meer aandacht verdient en gestrest is sinds de baby er is en dat hij dus eigenlijk gewoon een beetje een zielige kater is. Dat hoefde ik vanmorgen niet meer te doen, dus kon ik gewoon hardop vloeken op die rotkat. Want eerlijk is eerlijk, een ondergeplaste maxi cosi is écht niet grappig.

Nog even terugkomend op de gekleurde kussentjes, want daar gaat dit stukje tenslotte over en niet over de bepaald niet kleurrijke zwart-witte kat.
Misschien is het maar goed dat aan de andere kant van mijn hoofd nog steeds dat stukje Aart zit dat van Bordeaux rood en gebroken wit houd. Zijn stem die zegt dat ik het niet te bont moet maken. Ik houd van de stijl die Aart en ik samen hadden, rustig en met veel warme tinten en ik zit eigenlijk ook niet te wachten op een kinderlijk lundia/ikeahuis vol vrolijke kleurtjes. Zo hink ik dus eigenlijk op twee gedachten rond. In de tussentijd, haak ik stiekem een kleurrijk hoesje voor het pennenpotje en hangt er een vrolijke pannenlap in de keuken. Ik hink voorlopig nog even rustig door en bedenk ondertussen ter compensatie dat ik natuurlijk alle vrijheid onmiddellijk zou inleveren om Aart weer terug te hebben.

Advertenties