Nachtweduwe

Zachtjes fluisterzacht sluipt er een weduwe door de nacht. Op zoek naar dat wat ze niet vinden kan. Wetende dat ze het niet vinden kan diep in de nacht. Niet nu. Maar toch, toch zoekt de rust. De avonden leng ik eindeloos, een avond is nog geen nacht. Want in die nacht, die diepe donkere nacht weet je nooit wat er op je wacht. Een spook uit een ver verleden, een fiets waarop je niet fietsen kan. Of een oude koe? Tranen, heel vaak tranen of juist niet. Eindeloos wakker liggen met een hoofd wat niet van jou voelt. Zonder controle; in uit, in uit floepen gedachten die je niet wil hebben. Fundamenten voor dromen. Soms hele mooie en als je dan wakker wordt de deceptie en soms een fijn knuffelzacht gevoel. Het gevoel van dat wat je mist maar je koesterde.
Ik stel ze uit, voor mij moet de dag eindeloos duren, tot ik niet meer zoeken wil.

Hoi nacht daar ben je weer, schrale ogen prikken en zeggen dat ik nu slapen moet. Al uren.
En na een eindeloos gevecht zeg ik hem vaarwel, die dag. Die dag die morgen altijd weer veel te vroeg begint, waarop ik dan verzucht: oh had de nacht maar meer uren.

Advertenties

Zo’n dag

Vandaag is het zo’n dag. Je weet wel, zó’n dag. Ik waarschuw vast, vandaag ben ik NIET grappig.

Vanmorgen om een uur of 7 ging mijn persoonlijke wekker weer. Lucas, vrolijk geluidjes makend kondigde hij aan dat de dag wat hém betrof wel was begonnen. Wat mij betrof niet, ik deed net of ik hem niet hoorde, draaide me nog een keer om met de deken over mijn oren. Maar ja probeer maar eens te slapen met een knagend schuldgevoel en bijbehorend achtergrondgeluid. Eerst probeerde ik nog of hij misschien in mijn armen wilde slapen en ik dan ook nog eeeeeven, tevergeefs natuurlijk, de dag was immers begonnen en slapen met een trappelend kind in je armen die in je kin knijpt en elke keer als met één oog naar hem kijkt breed begint te lachen gaat nu eenmaal echt heel moeilijk.  Dus hees ik mezelf uit bed en fabriceerde een ontbijtfles, niet dat die nou anders is dan alle andere flessen, maar hij krijgt ‘m ’s morgens, we moeten enig onderscheid maken voor een ritme toch? Na de fles deed ik verwoede pogingen om uit bed te gaan maar dit mislukte jammerlijk. En toen Lucas een uur later besloot nog even zijn oogjes dicht te doen zag ik mijn kans. Ik trok mijn dekbed weer over mijn hoofd en draaide me eens even lekker om. Wat is een betere wakkerhouder dan de gedachte dat je nu kúnt slapen maar dat de dag wel al lang begonnen is. Zo’n dag dus…

Zo’n dag waarop buikpijn hebt omdat het weer die tijd van de maand is, ik weet het, dit is meer vrouwenpraat, maar volgens mij hebben mannen er ook last van hoor. Niet van buikpijn en andere bijbehorende kwalen, maar wel van “de tijd van de maand” inclusief snaaihonger. Aart in elk geval wel, al beweerde hij zelf natuurlijk van niet.
Zo’n dag waarop de hoofdpijn met de sterkste pijnstiller niet uit te roeien is en je die deken van vermoeidheid niet af kunt schudden, zelfs niet met 4 glazen cola waar je daarna alleen maar de hele tijd van moet plassen.
Zo’n dag dat je van alles moet (van jezelf) maar je je er gewoon niet toe kunt zetten en áls je jezelf dan eindelijk naar de supermarkt hebt gesleept wilde je dat je thuis was. Ik heb een hele tijd lusteloos door de supermarkt gedwaald, ik wist eigenlijk zelf niet meer wat er nodig was en al dwalend zag ik dingen waarvan ik dacht: “Dat neem ik mee, dat vind Aart lekker.” en dan realiseerde ik me halverwege de gedachte al dat dat natuurlijk onzin is om vervolgens toch bij het volgende schap bij een andere lekkernij hetzelfde te denken. Ik kreeg bijna trek in dingen die ik eigenlijk niet lekker vind gewoon omdat ik ze dan nog een keer voor hem mee kan nemen. En dan is het zo’n dag dat je daar eigenlijk even niet zo goed tegen kunt inplaats van dat je om jezelf en je maffe gedachte kunt lachen. Zo’n dag dat je gewoon wilde dat je je dekbed mee had genomen naar de supermarkt om op dat moment even onder te kruipen.

Zo’n dag dat je gewoon een blog móet typen omdat het zo’n dag is, maar terwijl je dat probeert besluit je kind dat hij ofwel een poepluier heeft, ofwel tandjes krijgt, ofwel honger heeft en het op een krijsen zet. Je kind dat eigenlijk zelden krijst maar vandáág de hele dag al een beetje humeurig is. Ik heb het geprobeerd hoor, te typen met mijn zonnestraaltje op mijn arm, meestal is dat wel goed, hij vind meestal alles prima, helemaal als hij op schoot mag. Maar met een hand voorzichtig zinnetjes typen terwijl je kind steeds harder gaat brullen helpt zelfs de grootste blognood om zeep. Nu, na een pauze met fles, schone broek en een heleboel geknuffel kan ik weer want hij ligt te slapen. Op hoop van zegen dat ik het einde van deze blog haal voor hij wakker wordt.
En nu zou ik natuurlijk ook best even, heel even onder mijn dekbed… Maar nee dat kan niet want er komt een Belangrijke Bezorger van De Bank. Eentje die vooraf aangekondigd wordt met een foto en eentje die je legitimatiebewijs komt scannen. Hij is geweest hoor, hij kwam inderdaad om vijf over vier, op het moment dat ik nét even rustig op de wc zat en mijn blog wilde gaan schrijven. En toen wilde hij ook nog binnenkomen om zijn scan-unit op tafel te leggen. Dat hadden ze niet van te voren aangekondigd dus ik moest met een grote armzwaai een hoop zooi wegvegen. En deze meneer bedankte mij vriendelijk voor mijn gastgevendheid en overhandigde mij DE digipas waar ik al een eeuw op zit te wachten en die ik helemaal niet wil maar die ik nodig heb om Aarts bankzaken af te kunnen handelen.
En toen had ik mezelf met frisse tegenzin beloofd dat ik gelijk maar even moest gaan inloggen met de digipas en wat dringende zaken regelen en dat ik dan daarná mijn blog eindelijk mocht gaan afmaken. Nou vergeet het, Aart is vandaag precies drie maanden geleden overleden en nog stééds kan ik niet inloggen. Ik heb namelijk nog een activeringscode nodig en die komt nog. Een voordeel…tijd voor mijn blog.

Het is dus gewoon zo’n dag dat je bijna beter in je bed had kunnen blijven, bijna want de redding is nabij. Vanavond heb ik éindelijk na een lange lange zomervakantie van 8 weken weer koor. Ik hoop niet dat we ineens “Dat ik je mis” van Maaike Ouboter op ons repetoire krijgen (zie mijn vorige blog: Overval) maar verder heb ik héél veel zin in lekker zingen en een borrel na.

Nog een klein vrolijk nootje van deze dag, de site www.dejongeweduwe.nl, zo’n site waarvan ik hoop dat jullie ‘m nooit zullen hoeven te bezoeken, wilde mijn blog graag delen op de site. Een mooi compliment vind ik want er staan op de site zelf ook hele mooie blogs van andere jonge weduwen op.

Eigenlijk ben ik nog niet klaar, foto volgt nog, maar ben het zat. Lucas is wakker en huilt, hartverscheurend. Waar is mijn dekbed? Oh wacht ik heb nog een reep chocola. Lucas heeft duidelijk ook zó’n dag.